Parosmie en fantosmie

In recent onderzoek van het Global Consortium for Chemosensory Research (GCCR) is gebleken dat mensen die reuk en smaakveranderingen ervaren door corona, ook vaak veranderingen in hun reuk ervaren. Wanneer je geuren ruikt van dingen die er niet zijn, zoals brand, dan noemen we dat fantosmie. Als geuren anders ruiken dan ze horen te ruiken, zoals koffie die naar asbak ruikt, dan noemen we dat parosmie.

In een artikel in de Volkskrant (link) krijgen deze klachten aandacht, in een interview met NOSE-member Sanne Boesveldt en ervaringsdeskundige Gerdien Vogelzang. Bij het actualiteitenprogramma Op1 was dinsdag 7 september ook aandacht voor deze klachten, opnieuw naar aanleiding van dit onderzoek.


Columnist Aaf Brandt Corstius beschrijft, naar aanleiding van het artikel in de Volkskrant, hoe zij dit ervaart, in een column uit de Volkskrant van 6 september. Geplaatst met toestemming van de auteur.

Een geurgehandicapt mens moet wat, dus sloot ik me aan bij een Facebookgroep voor lotgenoten

Vrijdagavond zat ik in een café en dronk ik een glas witte wijn, en die wijn smaakte naar goedkope douchegel. Ik vind het al lastig om wijn terug te sturen, maar het is nog lastiger omdat ik een verstoorde geur en smaak heb sinds mijn coronabesmetting. Misschien was dit wel uitzonderlijk goede wijn en lag het allemaal aan mijn hersens.

Over douchegel gesproken: alle douchegels die ik gebruik, ruiken naar as. Maar de wijn rook dus naar douchegel. Douchegel is nooit gewoon douchegel, tenzij het wijn is. Leg dat maar eens uit aan de serveerster.

Ik bestelde toch maar andere wijn, maar ook die smaakte naar douchegel. Toen heb ik alles gedempt met miniloempia’s.

Deze week kwam er een internationaal onderzoek uit, las ik op de website van de Volkskrant, waaruit bleek dat een kwart van de mensen die hun geur verloor door corona vervolgens parosmie kreeg. Zo heet het als dingen anders gaan ruiken en smaken. Deze mensen hebben vaak ook fantosmie, dat betekent dat je dingen ruikt die er überhaupt niet zijn.

Dat had ik tijdenlang ook: op veel plekken waar ik kwam, hing een alarmerende brandgeur. Ontzettend onhandig.

Het is trouwens opmerkelijk dat mensen met deze twee aandoeningen eigenlijk altijd vieze geuren ruiken, en nooit eens iets lekkers: ze ruiken zwavel, vuilnis, rottend vlees. En dus heel vaak brand en as.

Er wordt in die onderzoeken nooit uitgelegd waarom je juist vieze dingen gaat ruiken, dus heb ik zelf een theorie ontwikkeld.

Van alle dingen die je kunt ruiken in je leven is een oprukkende brand ongeveer de meest essentiële, en het is ook heel belangrijk dat je kunt ruiken of voedsel verrot is. Dus als je reukhersentjes – zoals ik ze noem in mijn eigen wetenschappelijke essays – zichzelf weer opbouwen na aantasting door corona, beginnen ze bij de basis: het ruiken van vuur en verrotting. Ook al is er nergens vuur of verrotting.

Ik werk nog aan deze theorie, want ik voel dat ze ergens hout snijdt.

Een geurgehandicapt mens moet wat, dus sloot ik me een tijdje geleden aan bij een Facebookgroep van mensen die net als ik een verstoorde reuk hebben. Na een tijdje meelezen, wist ik waarom ik me nog nooit bij een Facebookgroep had aangesloten. Het is niet per se leuk of leerzaam om elke dag een variatie op dit bericht te lezen: ‘Hallo, ik ben nieuw bij deze groep. Ook ik ruik alles raar. Gehaktballen zijn zo goor.’

Toch blijf ik nog maar even lid, want onlangs plaatste iemand het met smiley’s gelardeerde bericht: ‘Volgens mij rook ik net een vleugje van mijn eigen scheet!!!’

Er is hoop.


Het artikel van het onderzoek vindt u hier:

https://www.medrxiv.org/content/10.1101/2021.08.28.21262763v1.full

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *